Gouden Kalf vult God-vormig vacuüm
- Tjardo M
- 28 apr 2023
- 8 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 24 feb 2024
Pilatus zit met de handen in het haar: hij staat voor een woedende menigte die eist dat Jezus gekruisigd wordt. Zelf kan hij echter geen onheil in Jezus bespeuren. In een laatste poging hem te redden van het noodlot, roept hij een stemming uit waarbij de joden mogen kiezen voor enerzijds de bevrijding van een misdadiger 'Barabbas' of anderzijds de bevrijding van de compleet onschuldige Jezus.
In deze blog, wil ik het verband aantonen tussen het proces tegen Jezus (Mattheus 27) en de vervaardiging van het gouden kalf (Exodus 32). Het gouden kalf is net zozeer een valse imitatie van God als dat Barabbas een valse imitatie is van Christus.
Barabbas: de valse Messias
Hoewel het op het eerste gezicht niet duidelijk is, kunnen Jezus en Barabbas beide aanspraak maken op de titel Messias. In het verhaal staan een aantal merkwaardige gelijkenissen tussen de twee figuren (voor meer informatie: lees het Tweeling motief). Beide stellen zich op als verlosser, en beide luisteren ze naar de naam 'Zoon van God' (de naam Barabbas betekent letterlijk Zoon van God). Pilatus stelt de joden voor een keuze: zij kunnen kiezen voor 1) de echte Zoon van God of 2) de valse Zoon van God.

De joodse menigte kiest er uiteindelijk voor om Barabbas te bevrijden: maar waarom?
Barabbas profileerde zichzelf als een machtig verzetsheld. Hij was een oproerkraaier die werd opgepakt n.a.v. een opstand tegen het Romeinse rijk. In tegenstelling tot Jezus, durfde hij tenminste wel op de vuist te gaan. In dat opzicht lag hij dichter bij de voorstelling die de joden hadden over hun Messias. Jezus was het tegenovergestelde van waar ze op gehoopt hadden: want hij gebruikte geen geweld tegen de Romeinen. Toch zou uiteindelijk hij het rijk van de Romeinen veroveren, al verloopt het niet zoals men initieel verwacht.
De tirannie van de meute
In Exodus, zien wij een voorafschaduwing van hetgeen zich bij het proces van Jezus zou afspelen. Hier dolen de Israëlieten als nomaden in de woestijn, ze hebben geen plek die zij thuis kunnen noemen. En zijn daardoor extra vatbaar voor de krachten van buitenaf. God voelde voor hun heel ver weg, en abstract. De goden in hun omgeving voelde daarentegen meer tastbaar en meer in de buurt.
Toen Mozes lange tijd wegbleef om met God te praten (Exodus 32), raakte de Israëlieten het spoor compleet bijster. Er was een leegte ontstaan die de Israëlieten wanhopig maakte: zij verlangde naar een baken van hoop in de woestijn. Zij konden niet zonder de vertegenwoordiging van Mozes en beklaagde zich daarom bij zijn broer. Aaron bevond zich in eenzelfde positie als Pilatus, hij stond voor een ontevreden menigte die verlangde naar een vertegenwoordiging van God. Hij geeft uiteindelijk gehoor aan de oproep uit de menigte, en trof de voorbereidingen tot de vervaardiging van het gouden kalf - een substituut om het vacuüm te vullen.
De Israëlieten wilde God een lichaam geven, en hebben zodoende een (verkeerde) beeltenis van hem gemaakt. Zij wilde iemand die voor hun uit kon gaan, iemand die hen kon leidden, zie Exodus 32: Zij leverde hun goud en sieraden in om een gouden kalf te vervaardigen: 'dit is de god die je uit Egypte heeft bevrijd'.
De joden moesten kiezen tussen hun zelfgemaakte ‘god’ (gemanifesteerd in het kalf) of de “abstracte” God van Mozes. Met het gouden kalf poogde zij God te verbeelden. Etymologisch gezien vormde de Os de basis voor het teken Aleph. Dat gebruikt wordt als eerste letter voor alle drie de woorden waarmee God wordt aangeduid in Exodus: "Ik ben wie Ik ben". Tevens staat in Rabbijnse tradities Aleph symbool voor de eenheid van God. Het is een verkapte imitatie van God, een zogeheten Simulacra.

Niet geheel verrassend is dat het teken Aleph (wat het kalf dus representeert) in modern Hebreeuws gelinkt aan het woord getemd. Deze definitie onthult de crux van het probleem bij het maken van een godenbeeld: God laat zich niet beteugelen. Hij laat zich niet vangen door onze simpele concepties van hem. En hij straft de Israëlieten die verantwoordelijk zijn voor dit foute godsbeeld.
De verbrijzeling van de Wet

Terwijl de Joden het gouden kalf vervaardigen, ontvangt Mozes de tien geboden van God, de wet staat gekerfd in steen. Hij daalt af van de berg Sion, en staat versteld wanneer hij ziet wat hij daar beneden aantreft. Mozes wordt laaiend van woede, en smijt de tien geboden op de grond. De stenen tafels breken in stukken uiteen.
Evenals de keuze in het Exodus verhaal; lezen wij dat de joden bij Pilatus helaas opnieuw kiezen voor de valse imiatie. Zij vestigen hun hoop ditmaal op de verzetsheld Barabbas als hun verlosser, net als dat ze hun hoop voorheen vestigde op het gouden kalf. Zij verlangde naar iets tastbaar/fysiek waarop zij konden vertrouwen.
Daarom hoopte zij dat de Messias hun verlangens in vervulling zou brengen. Net als Aaron die het goud liet omsmelten tot een zichtbaar godenbeeld, hoopte zij te zien dat Jezus de romeinen te lijf ging. Maar Jezus wilde niet hun goud (Geef aan de keizer wat aan de keizer toebehoort) en hij ging niet mee in de politieke oorlogsvoering of in het religieus fanatisme (het zelotisme van de Farizeeërs). Jezus ging juist om met de mensen die zij zo haatte (tollenaars, hoeren). Jezus is de belichaming van de wet, hij raakt niet verontreinigt maar reinigt hen die met hem optrekken. Hij is als het zout van de wereld.
Hoe onwerkelijk moet het zijn geweest voor zijn discipelen, toen hij werd opgepakt door de Romeinen, gemarteld en aan de schandpaal genageld. Is dat de God die je wil dienen? Ik kan mij dan voorstellen dat het beeld van het gouden kalf dan aantrekkelijk wordt om te aanbidden dan het beeld van Christus, want het lijkt hier alsof de Messias een diepe nederlaag lijdt. Hij gaat hier gebukt onder de vuist van het Romeinse rijk, en de geestelijke machten die zich erachter schuil houden. Zelfs bij zijn eigen discipelen is er sprake van geloofstwijfel. Het lichaam van Messias wordt gebroken, net zoals Mozes de stenen tafels (met de wet) breekt.
Dit is echter een typisch geval waarbij de schijn een bedrieglijke indruk maakt. In tegenstelling tot Barabbas slaagde Jezus er wel in om Rome te veroveren: maar dit gebeurde heel geleidelijk. Enkel na Zijn kruisdood zou blijken dat dit het einde van het Romeinse Rijk betekende. Zelfs Nero kon het christelijke geluid niet onderdrukken. Het kruis, een teken dat ooit angst inboezemde bij de tegenstanders van Rome, werd door Jezus effectief 'omgedoopt' tot teken van verlossing en bevrijding van de dood. Zoals Paulus zegt moeten wij ons niet laten bedriegen door schijn vertoningen, maar op zoek gaan naar datgene wat de tijd overstijgt:
[18] Wij richten ons niet op de zichtbare dingen maar op de onzichtbare, want de zichtbare dingen zijn tijdelijk, de onzichtbare eeuwig. (2 Kor. 4:18; NBV21)
Voorafschaduwing naar het proces van Christus
Dat het gouden kalf motief opduikt in het nieuwe testament is niet geheel verrassend want er staan in de bijbel veel meer verwijzingen tussen teksten onderling. Indien de verbanden je nog niet helder voor de geest staan, heb ik ter ondersteuning een tabel gemaakt die beide verhalen naast elkaar legt, zie onderstaand:
Motief | Vervaardiging Gouden Kalf (Exodus 32) | Proces van Jezus (Mattheus 27) |
|---|---|---|
Volk verlangt naar verlosser | Joden dolen al vele jaren door de woestijn | Joden gaan gebukt onder regime van Romeinen |
Volk is ontevreden met bedoelde verlosser | Mozes blijft te lang weg tot ergenis van de oden | Jezus gebruikt geen geweld tegen de Romeinen tot ergenis van de Joden |
Ontevreden menigte klaagt bij autoriteit | Menigte klaagt bij Aaron | Menigte klaagt bij Pilatus |
Er duikt een imitator op van de verlosser | Aaron vervaardigd een gouden kalf die God tracht te symboliseren. Net als de volkeren in de omgeving verlangde Israël naar een tastbare representatie van hun God, maar dit resulteert in een verkapte imitatie. | Pilatus presenteert de misdadiger Barabbas, hij is een tegenhanger van Jezus . Barabbas komt dichter bij de voorstelling van de Messias: want hij is een typische vrijheidsstrijder en draagt de naam "Zoon van God". Dit is echter een verkapte imitatie. |
Menigte verkiest imitatie boven werkelijke verlosser | Gouden kalf wordt aanbeden | De misdadiger Barnabas wordt vrijgelaten i.p.v de onschuldige Jezus |
De wet wordt gebroken | Mozes breekt bij terugkomst de stenen tafelen | Jezus belichaamt de wet. Wij lezen hoe zijn lichaam gemarteld en gebroken werd bij het kruisoffer. |
Vernieuwing | Mozes ontvangt een nieuwe wet | Jezus wordt opgewekt uit de dood na 3 dagen |
Vanuit de slavernij naar de woestijn
Het is belangrijk om te beseffen dat de Israëlieten na de uittocht uit Egypte, niet gelijk het beloofde land in mochten. Integendeel zij doolde maar liefst 40 jaar door de woestijn voordat zij het paradijs in het vizier kregen. Dit was een onzekere tijd - die gepaard ging met beproeving en geloofstwijfel. Sommige Israëlieten verlangde terug naar de tijd dat zij nog in Egypte leefde, want toen hadden ze tenminste voldoende voedsel en een huis. Hoewel de Israëlieten onder het bewind van de Farao slaven waren, genoten zij daar tenminste wel bepaalde basisbehoeften.

Liever nog hadden zij de "comfort" in Egypte, dan de vrijheid die ze nu gekregen hadden. Want die vrijheid ging gepaard met onzekerheid, chaos en twijfels. Er was geen toegang tot voedsel noch een duidelijke route voorwaarts uitgestippeld. De Israëlieten moesten leren om in complete afhankelijkheid van God te leven, en de beproevingen die zich in de woestijn presenteerde doorstaan. Het moment dat Mozes afwezig was, ging het fout. De Israëlieten creëerden het gouden kalf als plaatsvervanger.
Het verhaal van Exodus waarschuwt ons over het gevaar dat gepaard gaat met de constructie van godsbeelden. Hierbij is het belangrijk te beseffen dat deze godsbeelden vaak onbewust worden gecreëerd met het verstand. Wij zijn hier allemaal vatbaar voor, zelfs de meest militante atheïst laat zich bedienen door een onbewust vervanging voor God. Zoals Johannes Calvijn zou zeggen: "onze geest is een afgodenmaker". Datgene wat men als hoogste goed beschouwt, doet effectief dienst als (af)god, en zal het gedrag en denkwijze van de persoon in kwestie beïnvloeden. Zodoende heeft ieder een god die hij/zij gehoorzaamt.
Om de psycholoog Carl Gustav Jung te citeren:
‘Overal, waar de geest van God echter uit de menselijke berekening uitgeschakeld wordt, treed het vormen van een onbewust vervangingsmiddel op. Het uitbannen van [het idee van god] leidt tot de meest wonderlijke uitwassen. Bij Schopenhauer vinden wij als nieuwe definitie van God: de wil die geen bewustzijn bezit, bij Carus: het onbewuste en bij Hegel de identificatie en inflatie, de praktische identificatie van het filosofische verstand met de geest als zodanig.’
- C.G Jung (Von den Wurzeln Des Bewusstseins, vertaling: Dr. E. Camerling)
Het God-vormig vacuüm
Iedereen maakt van tijd tot tijd een moeilijke periode door van twijfel en beproeving, vergelijkbaar met de tijd die de Israëlieten doormaakte in de woestijn. In die tijden kan je erg verlangen naar houvast, en dan is de verleiding groot om je geluk te zoeken bij tastbare waarden. Maar besef dan dat alles op de wereld vergankelijk is, en dat niks hier op aarde je behoefte volledig zal bevredigen.
De Filosoof Blaise Pascal verteld ons dat het God-vormig vacuüm alleen opgevuld kan worden door Christus: "In het hart van elke [persoon] is een door God-vormig vacuüm dat door geen enkel geschapen ding kan worden opgevuld, maar alleen door God de Schepper, bekend gemaakt door Jezus Christus."
Velen van ons proberen dat God-vormige gat op te vullen met dingen die er uiteindelijk voor zorgen dat wij ons alleen nog maar slechter en ongelukkiger gaan voelen. Tot op de dag van vandaag maken wij geregeld gouden kalveren, zelfs Christenen ontkomen er niet aan: Wij denken bijv. dat Jezus zich beperkt tot onze kerkmuren, of op onze partij zou stemmen, dat hij net als ons bepaalde mensen zou uitsluiten. Maar God laat zich niet beteugelen door het beeld dat wij van Hem maken. De menselijke concepties, die hun oorsprong vinden in het verstand, zouden onmogelijk God kunnen vangen. Wat dat betreft sluit ik mij aan bij de mystieke interpretatie van de Orthodoxe Kerk: wij kunnen niet zeggen wat God is, wij kunnen enkel beweringen maken over wat Hij niet is.

Wij zijn voorlopig nog niet van onze valse idolen af. Jezus waarschuwt voor de valse profeten die zullen komen om te beweren dat zij zelf Christus te zijn (Mattheus 24, Markus 13). Het zijn de kwade tegenhangers van Jezus. Zowel de Antichrist, als de Satan vervullen deze rol. Ironisch genoeg deelt deze kwade macht een aantal overeenkomsten met Christus zelf. In de bijbel lezen wij dat het beeld van de morgenster of een leeuw zowel van toepassing is voor Jezus als Satan. Verder zien wij dat de geest van Satan op een gegeven moment dienst doet in de kerkvader Petrus, Jezus' voornaamste apostel (Mattheus 26, vs 23). De twee tegenpolen: Christus en de Antichrist zijn nooit ver van elkaar verwijderd.








Opmerkingen