top of page

De Heilige maagd Maria: Dogma vs Bijbel

  • Foto van schrijver: Liam
    Liam
  • 23 feb 2025
  • 11 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 8 apr 2025

Mozaiek Ikoon van Maria met het baby'tje Jezus
Mozaiek Ikoon van Maria met het baby'tje Jezus

Verering en Aanbidding van Maria


  1. Lucas 1:42-43

    "En zij riep met luide stem: 'Gezegend ben jij onder de vrouwen en gezegend is de vrucht van je schoot! Waaraan heb ik het te danken dat de moeder van mijn Heer naar mij toe komt?'" 

Elizabeth’s woorden tonen eerbied voor Maria en erkennen haar als de moeder van de Heer.


  1. Lucas 1:48

    "Want Hij heeft omgezien naar de nederigheid van zijn dienstmaagd. En zie, van nu af aan zullen alle geslachten mij zalig prijzen."


    Maria zelf voorspelt in dat alle generaties haar zullen eren. Dit is een voorspelling van haar verering.


  2. Johannes 19:26-27

    "Toen Jezus zijn moeder zag en naast haar de leerling van wie Hij veel hield, zei Hij tot zijn moeder: 'Vrouw, zie uw zoon.' Vervolgens zei Hij tot de leerling: 'Zie uw moeder.' En vanaf dat moment nam de leerling haar bij zich in huis." 


    Hier wijst Jezus Maria toe als moeder van Johannes. Ze ontvangt haar rol als spirituele moeder van alle gelovigen, wat haar verering ondersteunt.


Maria is het nieuwe Ark van het Verbond


De vergelijking van Maria met de Ark van het Verbond komt voort uit de typologie van het Schrift, waarbij Maria wordt gezien als de nieuwe Ark die het Woord van God (Jezus) draagt. Hier zijn de relevante verzen en hun verband:


  1. Lucas 1:35 (in verband met Exodus 40:34-35)

"De engel antwoordde haar: 'De Heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen; daarom zal het heilige dat geboren wordt, Zoon van God genoemd worden.'" 


  1. Exodus 40:34-35:

    "Toen bedekte de wolk de tent van de samenkomst, en de heerlijkheid van de Heer vervulde de tabernakel."


De overschaduwing door de Heilige Geest wordt parallel getrokken met de heerlijkheid van God die de Ark in de tabernakel vervulde. Maria, als draagster van Jezus, is de nieuwe Ark van een nieuw verbond - Jezus.


  1. Lucas 1:39-44 (in verband met 2 Samuël 6:9-11)

    "Waaraan heb ik het te danken dat de moeder van mijn Heer naar mij toe komt? Want zie, zodra de klank van uw groet mijn oren bereikte, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot." 


  2. 2 Samuël 6:9-11:

    "David werd bevreesd voor de Heer op die dag en zei: 'Hoe zal de ark van de Heer tot mij komen?' […] En de ark van de Heer bleef drie maanden in het huis van Obed-Edom, de Gittiet." 


Elizabeth’s reactie en de vreugde van Johannes in haar schoot spiegelen Davids eerbied en de zegen die de Ark bracht. Maria’s bezoek aan Elizabeth wordt gezien als een parallel met de Ark die zegen brengt.


  1. Openbaring 11:19

    "En de tempel van God in de hemel werd geopend, en de ark van zijn verbond werd gezien in zijn tempel."


  2. Openbaring 12:1-2

    "En er verscheen een groot teken in de hemel: een vrouw, bekleed met de zon, en de maan onder haar voeten, en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren. Zij was zwanger en schreeuwde het uit in haar weeën en barensnood."



Deze vrouw is Maria. Het direct opeenvolgende verschijnen van de Ark en de vrouw suggereert dat Maria de nieuwe Ark is, die Christus droeg.

De Heilige Maagd Maria met een kroon van twaalf sterren
De Heilige Maagd Maria met een kroon van twaalf sterren
Tabel met parallellen
Tabel met parallellen

Maria is de Hemelse Koningin-moeder (Gebirah)


Maria is de Koningin-moeder. Want Jezus is van de lijn van David. De lijn van David beschouwd de Moeder als Koningin in plaats van het gebruikelijke: de vrouw van de koning.


1.   1 Koningen 15:13

"Zelfs zijn grootmoeder Maächa zette hij af als koningin-moeder, omdat zij een afschuwelijk beeld had gemaakt voor Asjera. Asa hakte dat afschuwelijke beeld om en verbrandde het in het dal Kidron."

     

Hier wordt Maächa expliciet genoemd als "koningin-moeder" (gebirah) van koning Asa. Haar invloed was zo groot dat Asa haar moest afzetten vanwege haar afgoderij, wat laat zien dat de moeder van de koning een officiële en machtige positie bekleedde.


2.   2 Koningen 10:13

"Jehu ontmoette de broers van Ahazia, de koning van Juda, en zei: 'Wie bent u?' Zij antwoordden: 'Wij zijn de broers van Ahazia, en wij zijn gekomen om de zonen van de koning en de zonen van de koningin-moeder te groeten.'"

     

Dit vers verwijst naar de "koningin-moeder" als een figuur van belang, wier zonen (of familie) een speciale status hadden. Het benadrukt haar prominente rol in de koninklijke familie.


3.   Jeremia 13:18

"Zeg tegen de koning en de koningin-moeder: 'Ga op een lage plaats zitten, want uw prachtige kroon is van uw hoofd gevallen.'"


Hier worden de koning en de koningin-moeder samen aangesproken, wat hun gedeelde status in de Davidische monarchie illustreert. De koningin-moeder wordt apart genoemd en heeft een eigen waardigheid, los van de koningin-gemalin.


Bijbelverzen die de voorbede van heiligen, waaronder die voor Maria, ondersteunen


  1. Hebreeën 12:1

"Daarom dan, omdat wij door zo’n grote wolk van getuigen omringd zijn, laten wij afleggen alle last en de zonde die ons zo gemakkelijk verstrikt, en laten wij met volharding de wedloop lopen die voor ons ligt."

De "wolk van getuigen" zijn de heiligen die ons voorgingen. Dit is een indicatie dat de rechtvaardigen vanuit de hemel ons omringen en betrokken zijn bij ons leven, wat suggereert dat zij voor ons kunnen bidden. Zo is de Orthodoxe kerk ook ingericht, we treden in de letterlijke Hemelse aanbidding samen met alle gelovigen die ons voor zijn gegaan.


  1. Openbaring 5:8

"En toen Hij het boek genomen had, vielen de vier levende wezens en de vierentwintig oudsten neer voor het Lam, ieder met een harp en gouden schalen vol reukwerk, dat zijn de gebeden van de heiligen."


Hier brengen de oudsten in de hemel de gebeden van de heiligen (op aarde) naar God. Dit is bewijs dat hemelse wezens een rol spelen in het doorgeven van gebeden, wat de voorbede van heiligen ondersteunt.


  1. Openbaring 8:3-4

"En er kwam een andere engel, die met een gouden wierookvat bij het altaar ging staan. Aan hem werd veel reukwerk gegeven om dat met de gebeden van alle heiligen te offeren op het gouden altaar dat voor de troon staat. En de rook van het reukwerk steeg met de gebeden van de heiligen uit de hand van de engel op naar God."


Dit vers laat zien dat gebeden van gelovigen via hemelse bemiddelaars (hier een engel) naar God worden gebracht. Dit geldt ook voor heiligen, die als rechtvaardigen in Gods aanwezigheid ook deze rol kunnen vervullen.


  1. Jakobus 5:16

"Belijd elkaar dus uw zonden en bid voor elkaar, opdat u gezond wordt. Het gebed van een rechtvaardige vermag veel, doordat er kracht aan wordt verleend."


Dit vers moedigt gelovigen aan om voor elkaar te bidden en benadrukt de kracht van het gebed van een rechtvaardige. De heiligen in de hemel, die als volmaakt rechtvaardig worden beschouwd zijn dus krachtige voorbidders.


  1. Lucas 15:7

    "Ik zeg u dat er evenzo blijdschap zal zijn in de hemel over één zondaar die zich bekeert, meer dan over negenennegentig rechtvaardigen die geen bekering nodig hebben."


    Dit impliceert letterlijk dat de hemel (inclusief de rechtvaardigen daar) zich bewust is van wat op aarde gebeurt en zelfs vreugde voelt over bekering. Dit ondersteunt het idee dat heiligen betrokken zijn bij aardse zaken en kunnen bidden voor ons.


Maria leeft en bid voor je


  1. Mattheüs 22:31-32

"En wat betreft de opstanding van de doden, hebt u niet gelezen wat door God tot u gesproken is: ‘Ik ben de God van Abraham en de God van Izak en de God van Jakob’? Hij is niet een God van doden, maar van levenden."


Jezus benadrukt hier dat de rechtvaardigen niet dood zijn, maar leven bij God. De Heiligen in de hemel zijn actief en levend, en dus in staat om voor ons te pleiten.


  1. Hebreeën 12:22-23

    "Maar u bent genaderd tot de berg Sion en tot de stad van de levende God, tot het hemelse Jeruzalem en tot tienduizenden engelen, tot een feestelijke vergadering en de gemeente van de eerstgeborenen, die in de hemelen opgeschreven zijn, en tot God, de Rechter van allen, en tot de geesten van de rechtvaardigen, die tot volmaaktheid zijn gekomen."


Dit beschrijft de hemelse gemeenschap, inclusief de "geesten van de rechtvaardigen" die volmaakt zijn. Dit versterkt het geloof dat heiligen levend en bewust in Gods aanwezigheid zijn.


  1. Openbaring 6:9-11

"En toen Hij het vijfde zegel geopend had, zag ik onder het altaar de zielen van hen die geslacht waren omwille van het Woord van God en omwille van het getuigenis dat zij hadden. En zij riepen met luide stem: ‘Hoe lang nog, heilige en waarachtige Heerser, oordeelt en wreekt U ons bloed niet aan hen die op de aarde wonen?’ En aan ieder van hen werd een wit gewaad gegeven, en hun werd gezegd dat zij nog een korte tijd moesten rusten, totdat ook het aantal van hun mededienstknechten en hun broeders, die nog gedood zouden worden zoals zij, vol zou zijn."


De martelaren in de hemel roepen tot God en zijn zich bewust van aardse gebeurtenissen. Dit toont aan dat de heiligen niet passief zijn, maar actief betrokken bij God en de wereld, wat hun rol als voorbidders ondersteunt.


Maria bleef maagd


  1. Ezechiël 44:2

    "En de Heer zei tegen mij: 'Deze poort zal gesloten blijven; zij zal niet geopend worden en niemand zal erdoor binnengaan, want de Heer, de God van Israël, is erdoor binnengegaan. Daarom zal zij gesloten blijven.'" 

Dit vers slaat onder andere typologisch op Maria. Haar schoot, waardoor Christus kwam, bleef "gesloten" (maagdelijk), zelfs tijdens en na de geboorte. In dit hoofdstuk worden meerde poorten beschreven, die staan open voor de gelovigen, behalve de oostelijke poort want daar is God doorheen gekomen. Want de poort waar God doorheen gaat is te rein en te dodelijk voor mensen. Maria is de poort waardoor God mens werd, die poort blijft dus gesloten voor de mens.


  1. Johannes 19:26-27

    "Toen Jezus zijn moeder zag en naast haar de leerling van wie Hij veel hield, zei Hij tot zijn moeder: 'Vrouw, zie uw zoon.' Vervolgens zei Hij tot de leerling: 'Zie uw moeder.' En vanaf dat moment nam de leerling haar bij zich in huis." 


Als Maria andere kinderen had gehad, zou het ongebruikelijk zijn dat Jezus haar toevertrouwde aan Johannes. Dit ondersteunt de traditie dat zij geen andere kinderen had en maagd bleef.


3.   Lucas 1:34

"Maria zei tegen de engel: 'Hoe zal dit geschieden, daar ik geen gemeenschap heb met een man?'" 


Maria’s vraag impliceert dat ze weigert gemeenschap te willen met een man, zelfs binnen haar verloving met Jozef. Dit ondersteunt het idee dat zij maagd was vóór de geboorte en niet van plan was gemeenschap te hebben later.


Conflicterende vers:


Mattheus 1:25 wordt vaak aangehaald als bewijs dat Maria na Jezus geboorte gemeenschap zou hebben gehad:


Mattheüs 1:25

"En hij had geen gemeenschap met haar totdat (ἕως) zij haar zoon gebaard had; en hij gaf Hem de naam Jezus." 

 

"Totdat" betekent in bijbels taalgebruik vaak niet een verandering daarna. Neem 2 Samuël 6:23 (Septuagint):

“Michal nu, de dochter van Saul, kreeg geen kind totdat (ἕως) ze stierf”


Kreeg Michal een kind nadat ze stierf?


Mattheüs 28:20 gebruikt ook “ἕως”:

"En zie, Ik ben met u alle dagen, tot aan (ἕως) de voltooiing van de wereld."


Dat betekent uiteraard niet dat Jezus na de voltooiing van de wereld er niet meer is.


1 Timotheüs 4:13

"Houd u, totdat (ἕως) ik kom, bezig met het voorlezen, het vermanen en het onderwijzen."


Moet Timotheüs voorgoed stoppen met voorlezen, vermanen en onderwijzen wanneer Paulus is gekomen?


Handelingen 23:1

"Paulus keek de Raad recht aan en zei: 'Mannen broeders, ik heb met een volkomen goed geweten voor God geleefd tot (ἕως) op deze dag.'"


Had Paulus van toen af aan geen goed geweten ten aanzien van God? Etc.


Maria de nieuwe Eva


  1. Genesis 3:15  

    "En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en u zult het de hiel vermorzelen."


    Dit vers is de eerste aankondiging van de verlossing. In de vroege kerk (bijv. door Justin Martyr en Irenaeus) werd "de vrouw" niet alleen als Eva geïnterpreteerd, maar ook als Maria. Haar "zaad" (Jezus) overwint de slang (de duivel), en Maria’s rol als moeder van de Verlosser contrasteert met Eva’s rol in de zondeval. Dit legt de basis voor de nieuwe Eva-typologie.


  2. Lucas 1:38  

    "Maria zei: 'Zie, de dienstmaagd des Heren; laat met mij geschieden naar uw woord.' En de engel vertrok van haar."  


    Maria’s gehoorzaamheid en instemming met Gods wil staan in schril contrast met Eva’s ongehoorzaamheid (Genesis 3:6). Terwijl Eva’s keuze leidde tot de val, bracht Maria’s "fiat" (laat het geschieden) de Verlosser voort. Kerkvaders zoals Irenaeus zagen hierin een omkering van Eva’s daad, waarmee Maria de nieuwe Eva is.


  3. Johannes 19:26-27  

    "Toen Jezus zijn moeder zag en naast haar de leerling van wie Hij veel hield, zei Hij tot zijn moeder: 'Vrouw, zie uw zoon.' Vervolgens zei Hij tot de leerling: 'Zie uw moeder.' En vanaf dat moment nam de leerling haar bij zich in huis."  


    Jezus noemt Maria "vrouw" alsof ze de totale vrouwelijkheid omvat en maakt haar de spirituele moeder van Johannes (en symbolisch van alle gelovigen). Dit echoot Genesis 3:15, waar "de vrouw" een centrale rol speelt in de strijd tegen de slang. Als nieuwe Eva wordt Maria hier de moeder van de nieuwe mensheid, verlost door Christus. En vervangt ze Eva die de vrouwelijkheid van weleer omvatte.


  4. Openbaring 12:1-5  

    "En er verscheen een groot teken in de hemel: een vrouw, bekleed met de zon, en de maan onder haar voeten, en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren. Zij was zwanger en schreeuwde het uit in haar weeën en barensnood. [...] En zij baarde een zoon, een mannelijk kind, dat alle volken zal hoeden met een ijzeren staf."  


    Hoewel deze "vrouw" ook symbolisch de kerk en Israël vertegenwoordigd is het ook Maria, die Christus baart. Haar vijandschap met de draak (Openbaring 12:9, de oude slang) sluit aan bij Genesis 3:15. Als nieuwe Eva overwint zij, via haar zoon, de zonde die Eva introduceerde.


  5. Lucas 1:42-45  

    "En zij riep met luide stem: 'Gezegend ben jij onder de vrouwen en gezegend is de vrucht van je schoot! Waaraan heb ik het te danken dat de moeder van mijn Heer naar mij toe komt?'"  


    Elizabeth’s lofprijzing, geïnspireerd door de Heilige Geest, benadrukt Maria’s unieke positie. In contrast met Eva, die een vloek over de mensheid bracht (Genesis 3:16-17), wordt Maria "gezegend" genoemd, wat haar rol als hersteller van Eva’s val

    onderstreept.


Hoe deze verzen de typologie ondersteunen


  • Eva: Ongehoorzaamheid leidde tot zonde en dood (Genesis 3:6, 3:19).

  • Maria: Gehoorzaamheid leidde tot verlossing en leven (Lucas 1:38).

  • Eva: Moeder van alle levenden in de natuurlijke orde (Genesis 3:20).

  • Maria: Moeder van alle levenden in de bovennatuurlijke orde (Johannes 19:27).

De vroege kerkvaders, zoals Irenaeus (Tegen de Ketters, Boek 3, 22:4), bouwden hierop voort: "Zoals Eva werd verleid door de slang om God te ongehoorzamen, zo werd Maria overtuigd door een engel om God te gehoorzamen, en zo werd de maagd Maria de vrijpleiter van de maagd Eva." Dat wil niet zeggen dat het Maria alleen is die Eva vrijpleit, maar dat Jezus werkt door Maria heen om Eva vrij te pleiten.


Koptisch icoon van Eva en Maria
Koptisch icoon van Eva en Maria

Extra-Bijbels Bewijs (van vóór Constantijn de Grote)


Sub Tuum Praesidium (ca. 250-300 n.Chr.)  

  • Dit is de oudst bekende schriftelijke Mariagebed, gevonden op een Egyptisch papyrusfragment (Papyrus Rylands 470). De tekst luidt in het Grieks: "Ὑπὸ τὴν σὴν εὐσπλαγχνίαν καταφεύγομεν, Θεοτόκε..." ("Onder uw barmhartigheid vluchten wij, Moeder van God...").

    Sub Tuum Praesidium (ca. 250-300 n.Chr.)
    Sub Tuum Praesidium (ca. 250-300 n.Chr.)

Justin Martyr (ca. 150-165 n.Chr.)  

  • In zijn Dialoog met Trypho (hoofdstuk 100) vergelijkt Justin Maria met Eva: zoals Eva’s ongehoorzaamheid zonde bracht, bracht Maria’s gehoorzaamheid verlossing.


Irenaeus van Lyon (ca. 180 n.Chr.)  

  • In Tegen de Ketters (Boek 3, 22:4) schrijft Irenaeus: "Want zoals Eva door haar ongehoorzaamheid de dood veroorzaakte, zo werd Maria, door haar gehoorzaamheid, de oorzaak van redding voor zichzelf en het hele menselijke ras."  

  • Dit versterkt het idee van Maria’s centrale rol in de verlossing, wat haar status boven andere gelovigen plaatst


Catacomben van Priscilla, Rome (ca. 150-200 n.Chr.)  

  • In deze catacomben bevindt zich een van de oudste bekende iconen van Maria: een fresco van Maria met het kind Jezus op haar schoot, naast een profeet (mogelijk Jesaja).

  • Maria was een prominente figuur in de christelijke beeldtaal en devotie, zelfs onder vervolgde gemeenschappen.


    Catacomben van Priscilla, Rome (ca. 150-200 n.Chr.)
    Catacomben van Priscilla, Rome (ca. 150-200 n.Chr.)

Annunciatie-fresco in Dura-Europos, Syrië (ca. 240 n.Chr.)  

  • In de oudst bekende christelijke huis-kerk is een icoon gevonden dat de aankondiging van het baby'tje Jezus aan Maria (annunciatie) voorstelt.


Annunciatie-fresco in Dura-Europos, Syrië (ca. 240 n.Chr.)
Annunciatie-fresco in Dura-Europos, Syrië (ca. 240 n.Chr.)

Conclusie


  • Maria moet je eren (Lucas 1:42-43, Lucas 1:48)

  • Maria is moeder van alle gelovigen (Johannes 19:26-27)

  • Maria is de moeder van God oftewel Theotokos (Lucas 1:42-43)

  • Maria is de Hemelse Koningin (1 Koningen 15:13, 2 Koningen 10:13, Jeremia 13:18, Openbaring 12:1-2)

  • Maria is de nieuwe Ark, draagster van het Nieuwe Verbond (Lucas 1:35, Exodus 40:34-35, Lucas 1:39-44, 2 Samuël 6:9-11, Openbaring 11:19, Openbaring 12:1-2)

  • Maria blijft maagd (Ezechiël 44:2, Johannes 19:26-27, Lucas 1:34)

  • Je kunt Maria vragen om voor je te bidden oftewel je kunt tot Maria bidden (Mattheüs 22:31-32, Hebreeën 12:22-23, Openbaring 6:9-11, Hebreeën 12:1, Openbaring 5:8, Openbaring 8:3-4, Jakobus 5:16, Lucas 15:7)

  • Maria is de nieuwe Eva (Genesis 3:15, Lucas 1:38, Johannes 19:26-27, Openbaring 12:1-5, Lucas 1:42-45)




Opmerkingen


bottom of page